Als werkgever wilt u de mensen die voor u werken goed belonen. Dat doet u uiteraard met een passend salaris en met een uitgebalanceerd pakket arbeidsvoorwaarden. Een goede pensioenregeling mag daarin niet ontbreken. Want werknemers beschouwen een goed pensioen, naast hun salaris, als de belangrijkste beloning voor hun inzet. Een onmisbaar instrument dus om uw medewerkers te binden, stimuleren en motiveren.
Het Nederlandse pensioenstelsel kent drie pijlers.
De basis van het pensioen is de AOW, de Algemene Ouderdomswet. Iedere inwoner van Nederland heeft recht op een AOW-uitkering vanaf zijn 65ste levensjaar. De AOW garandeert een uitkering op minimumniveau.
De tweede pijler, het werkgeverspensioen, resulteert, onder ideale omstandigheden, samen met de AOW in een pensioenuitkering van 70% van het laatstverdiende salaris. Als werkgever hebt u geen wettelijke verplichting uw werknemers een pensioen toe te zeggen. U doet dit binnen CAO-afspraken of op vrijwillige basis als onderdeel van uw totale bedrijfsfilosofie. Zegt u eenmaal pensioen toe, dan kunnen uw werknemers ook daadwerkelijk rechten ontlenen aan de toezeggingen.
De derde pijler van het pensioenstelsel bestaat uit de individuele oudedagsvoorzieningen die een werknemer zelf treft. In de regel doet hij dit door aanvullende pensioenverzekeringen af te sluiten bij een verzekeringsmaatschappij.
Als u uw werknemers een pensioenregeling aanbiedt, dan hebt u – binnen de bepalingen van de Pensioenwet en de Wet op de Loonbelasting – alle vrijheid die regeling te kiezen die u wilt. Uw bedrijfsfilosofie, uw budget en de relatie tot uw werknemers betpalen de aankleding van het pensioen. U kunt daarbij kiezen uit drie soorten pensioenregelingen:
Bij een uitkeringsovereenkomst staat de hoogte van de pensioenuitkering van tevoren vast. De pensioenuitkering is hierbij gegarandeerd. Vaak zal de uitkering nog worden verhoogd aan de hand van het niveaus van de lonen of de prijzen, indexatie. In de meeste gevallen worden de uitkeringen slechts verhoogd als de resultaten dit toelaten.
De uitkeringsovereenkomst is te verdelen in:
Eindloonregeling
Het pensioen hangt af van het aantal jaren dat u in dienst bent geweest en het salaris dat u het laatst verdiende.
Middelloonregeling
Het pensioen hangt af van het aantal jaren dat u in dienst bent geweest en hoe hoog uw salaris was in deze periode. Het verschil met de eindloonregeling is dat je pensioen niet gebaseerd is op het laatst verdiende salaris. Uw pensioen is afhankelijk van het gemiddelde salaris dat u tijdens uw loopbaan hebt verdiend.
Bij een kapitaalovereenkomst wordt een bepaald kapitaal opgebouwd. Dit kapitaal wordt op de pensioendatum omgezet in een levenslange pensioenuitkering. Het op te bouwen kapitaal wordt van tevoren berekend op basis van de gewenste pensioenuitkering. Het grote verschil met een uitkeringsovereenkomst is dat niet de pensioenuitkering, maar het kapitaal gegarandeerd is. De hoogte van de pensioenuitkering is niet alleen afhankelijk van de hoogte van het pensioenkapitaal, maar ook van de rentestand en tarieven van de verzekeraars op de pensioendatum. Ook bij een kapitaalovereenkomst kan indexatie van toepassing zijn.
Bij een premieovereenkomst is niet de gewenste pensioenuitkering, maar de jaarlijkse premie het uitgangspunt. De hoogte van de premie is hierbij meestal afhankelijk van de leeftijd van de werknemer. Met deze premie wordt een kapitaal opgebouwd, dat op de pensioendatum zal worden omgezet in een levenslange pensioenuitkering. Net als bij de kapitaalovereenkomst is de pensioenuitkering onder andere afhankelijk van het opgebouwde kapitaal. In sommige gevallen zal het op te bouwen kapitaal gegarandeerd zij.